Spontaneous Breathing Trial

Versie 1 | aug 2021

Auteur: Karen Bokhoven

Stroomdiagram

Inleiding

Onder het ontwennen van de beademing wordt verstaan:

  • de patiënt verlossen van het beademingsapparaat door het geleidelijk afbouwen van de beademingsvoorwaarden en
  • het verwijderen van de tube

Dit protocol beschrijft niet de direct, ongecompliceerde post-operatieve detubatie.

 

Waarom is het essentieel dat de patiënt zo snel mogelijk wordt ontwend van de beademing?

Langdurige invasieve beademing veroorzaakt:

  • Discomfort
  • Spierzwakte met name ook van de ademhalingsspieren
  • Complicaties zoals ventilator-associated pneumonieën
  • Een hogere sterfte
  • Een langere IC opname
  • Hogere zorgkosten

Ontwenstadia

Stadium 1

Dit houdt in de behandeling voor het onderliggend lijden dat maakte dat de patiënt acuut respiratoir insufficiënt werd, bijvoorbeeld antibiotica voor een pneumonie. Er moet verbetering van het longbeeld zijn alvorens de patiënt ontwend kan worden van de beademing.

Stadium 2

De behandelend arts of de verpleegkundige controleert dagelijks of de patiënt voldoet aan de criteria voor een Spontaneous Breathing Trial (tabel 1). Als de patiënt voldoet aan deze voorwaarden, kan een Spontaneous Breathing Trial worden uitgevoerd.

Stadium 3

Een Spontaneous Breathing Trial wordt uitgevoerd met:

  • een kunstneus met zuurstof of met
  • Pressure Support beademing. IPL 5-8 cmH2O boven PEEP 5 cmH2O gedurende 30 minuten.

Bij voorkeur wordt gebruik gemaakt van een kunstneus om latent hartfalen door het wegvallen van de positieve druk te ontmaskeren. Een Spontaneous Breathing Trial duurt 30 minuten. Neem direct voor de SBT en net voor het einde van de SBT een arterieel bloedgas af.

Stadium 4

Als de patiënt slaagt voor de SBT, wordt beoordeeld of de patiënt gedetubeerd kan worden (tabel 3). Leg voor detubatie de patiënt minimaal 1 uur terug aan de beademing. Dit vergroot de kans op een succesvolle detubatie.

Voldoet de patiënt niet aan de detubatie criteria, maak dan een inschatting of de patiënt wel gaat voldoen aan deze criteria eventueel door (niet)-medicamenteuze interventies. Denk aan tijd en dexamethason bij zwelling en scopolamine en/of glycopyrronium bij speekselvloed. Overweeg anders een tracheostoma. Na een tracheotomie kan de patiënt snel volledig losgelegd worden. De patiënt was immers geslaagd voor de Spontaneous Breathing Trial.

Stadium 5

Als de patiënt respiratoir opnieuw vastloopt na detubatie, volgt eventueel een re-intubatie.

Als de patiënt niet slaagt voor de Spontaneous Breathing Trial, wordt de Spontaneous Breathing Trial dagelijks herhaald. Na meer dan 3 mislukte Spontaneous Breathing Trials en langer dan 7 dagen beademing wordt een tracheotomie verricht en een ontwen schema gemaakt (zie ICV Protocol Ontwennen van de beademing met een tracheacanule).

Literatuur

  1. NVIC Herziene richtlijn ontwenning van beademing voor volwassen patiënten op een intensive care. Mei 2018
  2. Leo Heunks, Rik Endeman, Hans van der Hoeven. Beademing bij COVID-19. NVIC advies op basis van expert opinion. Versie 02-04-2020.
  3. Boles JM, Connors JBA, Herridge M et al. Weaning from mechanical ventilation. Eur Resp J 2007;29:1033-1056
  4. Heunks LM, Van der Hoeven JG. Clinical review: The ABC of weaning failure – a structured approach. Critical Care 2010;14:245
  5. Fisser C, Spoletini G, Kyaw Soe A et al. European Respiratory Society International Congress 2018: highlights from Assembly 2 on respiratory intensive care. ERJ Open Res 2019;5:00198-2018
  6. https://www.draeger.com/Library/Content/didyouknow_1_NIF_en.pdf
  7. Routsi, C., Stanopoulos, I., Kokkoris, S. et al.Weaning failure of cardiovascular origin: how to suspect, detect and treat—a review of the literature.  Intensive Care 2019;9:6.